Showing posts with label Tasmania. Show all posts
Showing posts with label Tasmania. Show all posts

Saturday, 25 April 2009

Tasmania - Cradle Mountain

Oorspronkelijk zouden we van het noorden naar de oostkust rijden. Maar toen bleek dat alle campings daar volzet waren tot de volgende week, hebben we onze route wat aangepast: zo flexibel dat we zijn! We trokken nu eerst naar het Cradle Mountain-Lake St. Clair National Park. Op zich was het niet zo ver rijden, maar toch deden we er langer dan verwacht over. De Tasmaanse wegen zijn nogal kronkelig.
De camping was geboekt voor twee nachten. Het bleek er wel een aantal graden frisser te zijn. Toen we geïnstalleerd waren, zijn we de omgeving een beetje gaan verkennen om te zien wat we de volgende dag zouden doen. We waren nog maar net vertrokken toen we een aantal wagens langs de kant van de weg zagen en mensen die druk aan 't fotograferen waren: een wombat! Nog nooit een gezien, behalve in de zoo. Wij in zeven haasten ons fototoestel en camera meegegrist en uitgebreid foto's gaan nemen. Het beest liet het zich allemaal welgevallen en graasde rustig voort. We dachten dat we nu echt chance hadden gehad, maar daarna kwamen we om de vijf voet een wombat tegen :-).
De volgende dag zouden we een wandeling rond het meer maken met uitzicht op de Cradle Mountain. Terug op de camping hebben we allemaal onze eerste douche in drie dagen genomen: heerlijk! De kids zaten ook al bijna door hun voorraad kleren, maar de wasmachines waren drukbezet. Het was zo koud dat we binnen hebben gegeten. Al goed, want het begon te gieten, de hele nacht. En ook de volgende voormiddag bleef het regenen. Ons plan viel dus in het water. Toen het net na de middag opklaarde zijn we met de shuttle-bus tot in de buurt van Waldheim Chalet gereden. Dat is een replica van een chalet dat in 1912 gebouwd werd door de Oostenrijker Gustav Weindorfer en zijn vrouw. Dank zij hen is het gebied rond de Cradle Mountain een nationaal park geworden. Omdat het nog altijd droog was, hebben we nog een wandeling gemaakt door Waldheim Forest, een prachtig stukje regenwoud, en daarna zijn we over een boardwalk terug richting Visitor Centre gewandeld. De natuur is erg ruw en ongeschonden: prachtig.
We hadden nog graag Tasmanian Devils gezien, maar het geleid bezoek in het Devil Park was al volzet. De Tasmanian Devil is een heel bijzonder diertje, een vleesetend buideldier met krachtige kaken met heel scherpe tandjes :-), maar de soort is sinds mei 2008 officieel erkend als "met uitsterven bedreigd". Sinds begin jaren '90 is het aantal devils dramatisch uitgedund door een soort kanker, de Devil Facial Tumour Disease. Over de oorzaak ervan tast men nog altijd in het duister. Hopelijk wordt er snel een remedie gevonden, want het zou jammer zijn als deze soort volledig zou verdwijnen.
Die avond was het bitter koud. De extra dekens werden boven gehaald en we hebben allemaal goed geslapen, maar 's morgens hadden we schrik om uit onze warme slaapzakken te komen: brrr! Toen we buitenkwamen bleek er ijs op onze voortent te liggen. Het was toen -4°C, frisjes voor een zomervakantie. Het was een prachtige dag en die wandeling zou zeker heel mooi zijn geweest, maar het zal voor de volgende keer zijn.
Click to enlarge and to read captions.

Thursday, 23 April 2009

Tasmania - Narawntapu National Park

Daar stonden we dus, om 6 uur in Devonport. Alle vijf nog slaapdronken. Vlug een blik op de kaart en beslissen waar we naartoe gaan. Wij hadden op voorhand wel een beetje overlegd welke plaatsen we zeker wilden aandoen, maar hadden nog niet echt een volgorde uitgedokterd en zéker niets geboekt. Dat doen we alleen voor onze hond :-).
We besloten (of vooral Jan, de chauffeur) om zo dichtbij mogelijk te blijven, want we zouden zeker nog een goeie siesta nodig hebben vandaag.
Het werd Narawntapu National Park, een uurtje rijden van Devonport. Het Visitors centre was nog niet open, een primeur voor mensen die gewoonlijk net op de valreep aankomen. Dus zochten we zelf een plaatsje zo goed als op het strand, Bakers Beach. Eerst wat eten en dan allemaal terug naar bed. De eerste dag hebben we niet veel gedaan. Ons ingeschreven, aas gekocht (white bait, kleine visjes; blijkbaar kan je ze ook grillen op de BBQ), wat gewinkeld. De jongens moesten natuurlijk hun hengels inwijden en trokken enthousiast naar "ons" strand (dat we de hele tijd zo goed als voor ons alleen hadden), zonder succes. Volgende keer beter.
De volgende dag hebben we een mooie wandeling gemaakt naar Archers Knob, een bergtop waar je 360° uitzicht hebt over de kust en de Asbestos bergketen. We zijn niet tot helemaal aan de top geraakt, want we wilden die namiddag nog naar de Penguin Talk van ranger John. We hoopten eigenlijk echte penguins te zien, maar daarvoor moest je iets verderop en liefst 's avonds. John had een opgezet exemplaar bij.
We hebben wel veel geleerd over pinguïns, met als belangrijkste boodschap dat ze eigenlijk best wel een hard leven hebben. Ze slapen maar een paar uurtjes per etmaal. De rest van de tijd brengen ze in het water door -kilometers leggen ze af- op zoek naar eten. Op weg naar en van het water (hun nesten liggen altijd redelijk ver van het strand, in het gras, waar er beschutting is) schuilen er altijd gevaren. Daarom leggen pinguïns die afstand zo voorzichtig af: beetje voortwaggelen, stoppen, rondkijken, verder stappen, enz. In Tasmania werden de vorige weken heel wat pinguïns gedood, waarschijnlijk door een grote loslopende hond. Het beest was nog altijd niet gevat. John vertelde ons ook -het was een gruwelijk verhaal- van een aantal jongeren die na een avondje stappen een pinguïnkolonie aanvielen. Ze knuppelden een aantal jongen gewoon dood. John vertelde van een pinguïnkoppeltje dat de volgende dagen bleef treuren om hun verloren jong. Schattige diertjes.

Narawntapu was een prachtige start voor de rest van het eiland. Het was er prachtig, zalig rustig, heel winderig wel, maar we moesten verder.

Meer foto's van het eerste deel van onze reis.

Tasmania - the "Spirit"

Na een hele dag inpakken stonden we op zaterdag 3 januari klaar om de tocht naar Melbourne aan te vatten. Het vertrek was natuurlijk weer iets later dan gepland, maar uiterlijk om 5 uur moesten we in Albury zijn. Dat ligt net op de grens tussen New South Wales en Victoria. Ik had er een kennel gevonden voor Buddy waar hij voor minder dan de helft van de prijs kon verblijven in vergelijking met de kennels hier in de buurt. Het was even zoeken midden tussen de velden, maar we waren er netjes op tijd, namen afscheid van onze "pooch" en zochten voor onszelf een camping. De eerste keer dat we de camper trailer opzetten, moet er nog heel wat georganiseerd worden. Bij het inpakken blijft hij namelijk gewoon dicht en schuiven we alles (kleren, eten, speelgoed enz.) gewoon naar binnen. Het was niet direct een eersteklas camping maar het was er proper en rustig én er was een zwembad zodat de kids zich konden uitleven na de lange dag in de auto.

De volgende dag konden we op ons gemak naar Melbourne vertrekken. We moesten pas om 7 uur inschepen op de Spirit of Tasmania. Eerst nog wat boodschappen gedaan in Albury en dan rustig vertrokken.
We waren ruim op tijd in Melbourne. Nog even een wandelingetje op de dijk en dan konden we beginnen aanschuiven om op de boot te rijden. Ik had in Albury nog vers fruit gekocht, maar moest het spijtig genoeg inleveren aan de quarantine. Totaal niet aan gedacht dat er hier ook een "fruit ban" zou zijn. Het inschepen ging redelijk vlot. Het ruim van zo'n schip ziet er heel indrukwekkend uit, maar eens je boven in de lounge komt, ziet het er uit als een hotel en voel je je al beter thuis. We gingen eerst naar onze cabins. We hadden er twee want er kunnen max. 4 personen in een cabin overnachten. Dat heb je met 3 kinderen: alles is op gezinnen van vier voorzien. De kinderen vonden de cabins geweldig. Ze wilden natuurlijk allemaal boven slapen. Voor Willem zag ik dat niet zitten want hij woelt en wroet nogal in zijn slaap.
Eerst nog denken aan de reispillen. Wij worden allemaal redelijk snel zeeziek. Onze terugkeer van Kangaroo Island in 2006 zit ons nog vers in het geheugen... Je weet natuurlijk niet hoe de zee zal zijn en misschien heb je geen pillen nodig, maar ergens wil je niet het risico nemen want als je zeeziek bent voel je je zo ellendig en dat wil je écht niet meemaken. Slikken dus! Na een douchke zijn we iets gaan eten. Je hebt een "chique" restaurant aan boord en een selfservice. We wilden wel op ons gemak iets eten, maar het restaurant zat vol tot een uur of tien: te laat. We zouden op onze terugweg wel op tijd reserveren.
Na het eten nog even naar een bar, kwestie van de sfeer op het schip op te snuiven. In de bar zaten stoere kerels van een motorbende "the Fourth Reich", de een al meer gepierced en getatoeëerd dan de ander -sommigen zagen er zelfs uit als "de ideale schoonzoon"- maar allemaal hadden ze wel minstens één swastika en adelaar ergens op hun outfit. Je vraagt je toch af hoe iemand het in zijn hoofd haalt om zo openlijk uit te pakken en mensen te bruuskeren met zijn sympathie voor Hitler en kompanen. Ik vond dat ze hen maar eens een paar weken met een teletijdsmachine op vakantie moesten sturen naar Auschwitz om te zien of ze dan nog zo'n fans zouden zijn.
Onze eerste nacht verliep rustig hoewel Jan en ik niet zo goed geslapen hadden. Om 5 uur werden we gewekt: tijd om op te staan en je klaar te houden om naar de garages te gaan. Om 6 uur lopen we de haven van Devonport binnen. Al bij al een leuke ervaring, de Spirit.

Saturday, 3 January 2009

De plannen

... zijn nog niet helemáál gesmeed (we moeten onze reputatie toch hoog houden, nietwaar?), maar morgen zijn we ermee weg.
We hebben de hele dag ingepakt én uitgeladen. De living, keuken en "family room", alles moest grondig opgeruimd en geledigd worden want tijdens onze vakantie wordt er geschilderd.

Onze vakantiebestemming is Tasmania, een eiland ten zuiden van de oostkant van Australië (oeioei, 't is laat). We rijden met de auto en camper-trailer naar Melbourne want sinds een paar jaar zijn de ferries vanuit Sydney afgeschaft. Halverwege stoppen we in Albury, waar we Buddy in een kennel achterlaten. Zondagavond gaan we dan aan boord van de Spirit of Tasmania, voor wat ze "one of Australia's great journeys" noemen. Als je niet zeeziek bent natuurlijk. Daar heb ik namelijk het meeste schrik voor (of toch het tweede meeste, maar over de rest zullen we het maar niet hebben...). Toen we een paar jaar geleden van Kangaroo Island kwamen met de ferry was Jan de enige die zich nog enigszins OK voelde. Drie van ons moesten hun toevlucht nemen tot zakjes. Dat waren 40 ellendige minuten met land in zicht, deze keer is het 9 uur waarvan het laatste stuk op een pittig stukje zee, the Bass Strait. Hopelijk is het schip inderdaad groot genoeg om niet te veel deining te voelen én helpen onze gember- en andere pillen. We hebben 2 cabines (mét patrijspoort) dus hopelijk slapen we er doorheen.

Tasmania zelf moet echt de moeite zijn. Het zal er wel wat frisser zijn, dus we zijn op alles voorzien. Mogelijk krijgen onze kinderen zelfs sneeuw te zien op Mount Wellington, en niet alleen op het topje.
Welke plaatsen we precies zullen bezoeken moeten we nog bekijken maar we hebben onderweg tijd genoeg om onze route uit te stippelen.
Op vrijdag 16 januari nemen we terug de boot richting Melbourne en op zaterdagavond zouden we dan terug thuis moeten zijn.
Jan moet op maandagmorgen terug present zijn op zijn werk.

Wordt vervolgd!