Ik weet het: ik sta vééér achter.
In een poging om mijn achterstand een beetje in te halen, begin ik bij het begin (van het jaar): onze vakantie aan de zuidkust. Eigenlijk was die bestemming niet gepland, maar overkwam die ons gewoon omdat de oorspronkelijke bestemming (het noorden) héél nat was en we geen zin hadden in minstens een week regen. Op de dag dat we zouden vertrekken zijn we dus thuis gebleven en heeft Jan in allerijl een alternatieve route uitgestippeld.
Onze eerste kampeerplaats was een klein campingske in het Eurobodalla National Park waar we nog net de laatste plaats konden inpikken. We stonden net tegenover een "inlet", een soort ondiepe lagune waar de kids veilig konden spelen. Het strand was, naar Australische gewoonte, bijna voor ons alleen. De dame van de camping had ons gewaarschuwd dat het met oudjaar wel eens druk zou kunnen worden. De jongeren uit het dorp hadden de gewoonte om hun vrienden op de camping te komen bezoeken. We hadden onze voorzorgen genomen (ijskast met alcohol binnen), maar uitgerekend op oudejaarsavond begon het te regenen, dus hebben we niet lang wakker gelegen van het feestgedruis.
Op 1 januari zijn we rond de middag vertrokken naar de volgende bestemming, op een goed uur hiervandaan. We waren nog maar een kilometer onderweg of we hoorden een gerammel aan de camper. Jan besloot na een vluchtige controle achter de auto (niet achter de camper) dat het een ketting was die over de weg sleepte. Terug vertrokken en 100m verder terug gestopt. Deze keer wel iets grondiger gekeken. Bleek dat de 2 fietsen op de camper van het fietsrek waren gevallen en al die tijd over het asfalt hadden gesleept. Marie haar spiksplinternieuwe fiets en Willem's geërfde fiets waarop net een paar nieuwe accessoires waren geplaatst: verdórie! Balans: zadels van beide fietsen half weggeschaafd, handvatten weg, nieuwe snelheidsmeter kapot, schrammen, én Willem's wielen com-pleet ka-dul! Eventjes geduurd voor we over de commotie heen waren.
Onze stopplaats was Tathra, net voorbij Bega (bekend van kaas én woonplaats van Toon's juf nu zij Corpus vaarwel gezegd heeft). We zaten op een commerciële camping tussen zwembad, badkamers en recreatieruimte geprangd. Het strand was -weeral- heel mooi, maar de eerste dag hebben we vooral naar fietswielen gezocht. De tweede dag kwamen we op het strand Marie's schoolvriendinnetje tegen met haar en nog een andere Corpus-familie. Ja, Oz is klein...
Tathra was maar een tussenstopje.
Na drie nachten in Tathra reden we door naar Mallacoota, een klein kustplaatsje net over de Victoriaanse grens. Onderweg "picknick with a view" in Eden, in het Ben Boyd National Park. Mallacoota mag er ook wezen. Het is een piepklein stadje, maar het ligt aan een enorm uitgestrekte inlet: binnenmeren die samen een omtrek hebben van meer dan 600 kilometer. Stad en inlet maken deel uit van het Croajingolong National Park.
We hebben gewandeld, een bootje gehuurd zodat de kids konden vissen (mét succes), goanna's bekeken in de camping van het NP, ons kas opgevreten in het traagste restaurant in Oz, op de camping naar live-muziek van onze buren geluisterd (prachtige gitaar en samenzang van al onze lievelingsnummers), gefietst, gelezen, gespeeld, lekker gekookt: kortom alles wat je op vakantie doet.
Na een paar dagen bleek dat Jan "dringend" naar Duitsland moest, dus hebben we de Victorian Alps, waar we al een weekje geboekt hadden, moeten laten voor de volgende keer. Na een week kregen we een kredietnota voor één nacht, de nacht dat de camping geëvacueerd was om wille van brandgevaar...
Al bij al een deugddoende vakantie, maar we moeten ze letterlijk nog afwerken.
Onze stopplaats was Tathra, net voorbij Bega (bekend van kaas én woonplaats van Toon's juf nu zij Corpus vaarwel gezegd heeft). We zaten op een commerciële camping tussen zwembad, badkamers en recreatieruimte geprangd. Het strand was -weeral- heel mooi, maar de eerste dag hebben we vooral naar fietswielen gezocht. De tweede dag kwamen we op het strand Marie's schoolvriendinnetje tegen met haar en nog een andere Corpus-familie. Ja, Oz is klein...
Tathra was maar een tussenstopje.
Na drie nachten in Tathra reden we door naar Mallacoota, een klein kustplaatsje net over de Victoriaanse grens. Onderweg "picknick with a view" in Eden, in het Ben Boyd National Park. Mallacoota mag er ook wezen. Het is een piepklein stadje, maar het ligt aan een enorm uitgestrekte inlet: binnenmeren die samen een omtrek hebben van meer dan 600 kilometer. Stad en inlet maken deel uit van het Croajingolong National Park.
We hebben gewandeld, een bootje gehuurd zodat de kids konden vissen (mét succes), goanna's bekeken in de camping van het NP, ons kas opgevreten in het traagste restaurant in Oz, op de camping naar live-muziek van onze buren geluisterd (prachtige gitaar en samenzang van al onze lievelingsnummers), gefietst, gelezen, gespeeld, lekker gekookt: kortom alles wat je op vakantie doet.
Na een paar dagen bleek dat Jan "dringend" naar Duitsland moest, dus hebben we de Victorian Alps, waar we al een weekje geboekt hadden, moeten laten voor de volgende keer. Na een week kregen we een kredietnota voor één nacht, de nacht dat de camping geëvacueerd was om wille van brandgevaar...
Al bij al een deugddoende vakantie, maar we moeten ze letterlijk nog afwerken.
2 comments:
zo`n mooie foto`s ! die van Marie op het strand (met haar sandaaltjes) is heerlijk mooi !
Kort maar goed, zo lijkt het! Mooie foto's!
Groetjes
Anne
Post a Comment